Steentjes gooien in de Maas in Genhout.
Wie de Grootgenhouterstraat helemaal uit gaat in de richting van Beek en aan het einde op de driesprong het geasfalteerde weggetje linksaf neemt, steekt na zo´n honderdvijftig meter de weg van Klein Genhout naar Spaubeek over.
De holle weg, het pad waarop de tocht verder gaat, heet officieel Cijnsbergweg.
Ze voert ons bergafwaarts en vervolgens linksom de geschiedenis van dit stukje aarde binnen: een op een bomkrater gelijkende kiezelgroeve.
Deze groeve, de groeve van Martens, is in 1908 aangezet en heeft nu een diepte van ongeveer 27 meter.
Ze zal nog een paar jaar geëxploiteerd worden, daarna maakt het einde van de licentie er een aangepast landschap van.
Tot die tijd biedt ze ons een kijkje in het inwendige der aarde.
Allereerst zien we dat de grond in deze omgeving bedekt is met een dikke laag löss.
Kunt u zich voorstellen dat deze laag, bestaande uit hele fijne deeltjes zand en leem, afkomstig is van de Noordzee?
Zo´n anderhalf miljoen jaar geleden lag die ongeveer droog.
De overwegende westenwinden begonnen toen met het vervoer van de deeltjes naar deze streken, een proces van tienduizenden jaren.
Onder de leem bevinden zich -nog oudere- enorme massa´s zand en grind, neergelegd door de Maas.
Jazeker, verbaasde lezer, eens stroomde hier de Maas als een woeste rivier en liet zand, grind en klei bezinken.
Nog sterker.
In de groeve kun je lagen vuursteen, kalksteen en krijt onderscheiden met daarin versteende fossielen en versteend hout uit de krijttijd, zo´n 70 miljoen jaren geleden!
Een eldorado voor speurders naar verkiezelde koralen, zeeëgelschalen, schelpen en zeeleliestengels
Maar een en ander betekent dat dit toen zeebodem was!
Tussen het zand bemerken we hier en daar een dunne bruinkoolachtige laag, een ingeklonken en verkoolde veenlaag.
Dit geeft aan dat er ooit een periode van weelderige plantengroei moet zijn geweest.
En dat is allemaal te zien op nog geen steenworp afstand!
Bron: Becha, september 2000
A.G.




